De of het deken: juist lidwoord
Twijfel je weleens tussen de deken of het deken? Je bent niet de enige, want dit woord zorgt vaak voor een kleine taalhapering aan de bank. Het juiste lidwoord is simpel: je zegt de deken. In dit artikel lees je snel waarom dat zo is, hoe je het woord goed gebruikt en hoe je deze fout voortaan makkelijk voorkomt. Zo schrijf je net zo soepel als je straks onder je favoriete deken kruipt.








